Hij komt die goede Sint   (Hij komt! - Kath. leopold)

Hij komt, hij komt
de lieve goede Sint
mijn beste vriend, Uw beste vriend
de vriend van ieder kind

Mijn hartje klopt
mijn hartje klopt zo blij
Wat brengt hij U, wat brengt hij mij
wat brengt hij U en mij

Wie zoet was koek
Wie stout was krijgt de roe
Hij komt, hij komt
de lieve goede Sint

mijn beste vriend, Uw beste vriend
de vriend van ieder kind

Hop hop hop   

Hop, hop, hop

wij zitten nu recht op

Sinterklaas die komt uit spanje

hij brengt appels van oranje

Altijd in galop

hop, hop, hop, hop, hop

 

Hop, hop, hop

paardje in galop

En die beste Sinterklaas

die brengt ons heel veel speculaas

altijd in galop

hop, hop, hop, hop, hop

Hoor de wind waait door de bomen   (R.A. van Pelt / J.H. Boon)

Hoor, de wind waait door de bomen
Hier in huis waait zelfs de wind
Zou de goede Sint wel komen
Nu hij 't weer zo lelijk vindt
Nu hij 't weer zo lelijk vindt


Ja, hij rijdt in donk're nachten
Op zijn paardje, o zo snel
Als hij wist hoezeer wij wachten
Ja gewis, dan kwam hij wel
Ja gewis, dan kwam hij wel

Hoor ik daar geen paardenvoetjes - H.A. Almoes

Hoor ik daar geen paardenvoetjes
Trippeltrappel o zo zoetjes
Hoor ik daar geen trippeltrap
Paardenvoetjes op het dak
Dat zal Sinterklaas wel wezen
Die nu rijdt door heel de stad
Wees voorzichtig lieve schimmel
Het is daar zo gevaarlijk glad

Hoor ik daar geen paardenvoetjes
Trippeltrappel o zo zoetjes
Hoor ik daar niet trippeltrap
Paardenvoetjes op het dak
Moet nu juist van Moe gaan slapen
Liever wou ik nog niet naar bed
Paardje zul je goed uit kijken
Waar of jij je voetjes zet

Hoor ik daar geen paardenvoetjes
Trippeltrappel o zo zoetjes
Hoor ik daar niet trippeltrap
Paardenvoetjes op het dak
Zal nu lief en zoet gaan slapen
Kijk maar zwarte pieter baas
En ik zal vast weer gaan dromen
Van die lieve Sinterklaas

Hoor wie klopt daar kinderen   

Hoor wie klopt daar kind'ren,
Hoor wie klopt daar kind'ren.
Hoor wie klopt daar zachtjes tegen 't raam.
't Is een vreemd'ling zeker,
die verdwaalt is zeker.
'k Zal eens even vragen naar zijn naam:
Sint Nicolaas, Sint Nicolaas
brengt ons vanavond een bezoek
en strooit dan wat lekkers
in één of andere hoek.

Stoute kind'ren, zegt hij,
krijgen knorren, zegt hij,
of een zakje, zegt hij, met wat zout.
Want je weet wel, zegt hij
dat Sint Nicolaas, zegt hij
van die stoute kind'ren heel niet houdt.
Sint Nicolaas, Sint Nicolaas
brengt ons vanavond een bezoek
en strooit dan wat lekkers
in één of andere hoek.