Schoen / klomp zetten

Sinterklaas_kapoentje_schoen_zetten.png

Waar in vroegere tijden bij het rookgat offers werden gebracht aan Wodan en zijn paard, is er nu het gebruik van het schoenzetten. Om de Sint gunstig te stemmen leggen de kinderen 's avonds naast de schoorsteen wat hooi en wortels in een schoen, klomp, laars ect. voor het paard van de Sint. Zij hopen dat hij er 's nachts speculaas, pepernoten, chocoladeletter, speelgoed in zal leggen.

In Nederland zet men vanaf de 15e eeuw de schoen of klomp. In eerste instantie gebeurde dat in de kerk en was de opbrengst voor de armen. Uit archiefstukken blijkt dat vanaf 1427 in de Sint Nicolaaskerk in Utrecht schoenen werden gezet op 5 december, pakjesavond. Rijke Utrechters legden wat in de schoenen en de opbrengst werd verdeeld onder de armen op 6 december, de officiële sterfdag van de Heilige Nicolaas.

Voor meer oude bronnen omtrent het schoen / klomp zetten, betrekking hebbend op Nederland klik hier

1726

Tuinman, Carolus (1726). “De oorsprong en uitlegging van dagelyks gebruikte Nederduitsche spreekwoorden, opgeheledert tot grondig verstand der vaderlandsche moedertaal” (pagina 162). Michel Schryven (Middelburg) 9 februari 2016


“’t geen men de kinderen placht wys te maken, dat Sint Niklaas met zyn paardje ter schoorsteen inkomt, om wat te brengen in de schoenen, die daar op zynen avond met hooi gevult staan.”

Een kader uit een centsprent

schoenzetten2.png

Centsprent: Het leven en de bedrijven van Sint Nicolaas ca. 1856

Bron: www.geheugenvannederland.nl

'Opzetten' (Groningen)

In Groningen werd er gesproken over een schoen ‘opzetten’, met de bedoeling dat de Sint er wat leuks of lekkers in achter zou laten. Maar er werden niet alleen schoenen opgezet, ook mandjes of borden. Op die borden werden dan brood, hooi en mous (boerenkool) gelegd, voor het paard. Dat werd nabij de open haard geplaatst. Kinderen zongen er dan het volgende liedje bij:

Sunterkloas dij goie bloud,
geef mie n puutje sukkergoud,
nait te veul en nait te min,
smiet mie t mor tou schosstain in.

De volgende ochtend lagen er allerlei lekkernijen op het bord, zoals een suikerbeest of een ‘stoerkerel’ (broodje in de vorm van een mannetje). Ook las ik iets over een ‘swoan ien t nust’ – maar wat dat is weet ik niet precies. U misschien wel? Soms lag er een speculaas op het bord. Die kon de vorm van een Sinterklaas hebben, maar ook van een paard of een haan. De haan-speculaas was best dik en kostte daarom wat meer. Een ‘stoter’ was 12.5 cent. Dat was destijds best veel, daar komt dan ook de volgend Groningse uitspraak vandaan: ‘hai stapt as n stoterze hoan’.

Bron tekst: klik hier

Bron tekst / 1726: www.sintzwartepiet.nl