Simon Abramsz (1867-1924)

Simon Abramsz werd op 23 april 1867 te Amsterdam geborenen overleed op 28 januari te Velp bij Arnhem. Inmiddels is hij vergeten, maar indertijd was hij een zeer productieve auteur. Hij heeft tientallen kinderboeken op zijn naam staan en ook diverse boeken met rijmpjes en (kinder)versjes. Hij was werkzaam als onderwijzer, als schrijver van kinderboeken en als redacteur van kindertijdschriften 'Voor het jonge volkje', 'De kinderwereld' en' De kinderkamer'. 

Hij verzamelde oude kinderrijmen die hij onder andere publiceerde in 'Onze kinderrijmen van vroeger en nu' (1910), 'rijmpjes en versjes uit de oude doos' (1910) en 'Van Sinterklaas en pieterbaas' (1911).

Tot zijn beste boeken voor kinderen behoort Veertien dagen op een ijsschots, dat voor het eerst in 1898 verscheen en waarvan in de loop der jaren verschillende edities uitkwamen.

Bekendste Sinterklaasliedjes uit 1911 zijn:

* Op de hoge, hoge daken

* Zoetjes gaan de paardenvoetjes

* Strooien, strooien, strooien (strooiliedje)

* In plaats van hooi

Van Sinterklaas en Pieterbaas 

Van Sinterklaas en Pieterbaas

Van Sinterklaas en Pieterbaas

1919 - Sinterklaas-vertellingen

Geschreven door S. Abramsz en Jan Hoffman

Vertellingen:
Het Sinterklaasgeschenk van Mientje en Doortje, S. Abramsz
Wat het maantje zag op Sinterklaasavond, S. Abramsz
De baard van Sinterklaas, S. Abramsz
Sinterklaas op school, S. Abramsz
Om nooit te vergeten, F. J. Hoffman

Tekeningen van Jan Franse

Fragment uit: De baard van Sinterklaas:

"En nu moet kleine Sientje eens een dansje op mijn schoot maken," zie Sinterklaas. Nu, dat wilde kleine Sientje wel. Ze begon te dansen en ze kraaide van pret. Och, och, wat werd ze dol op 't laatst - zóó dol, dat ze Sinterklaas met allebei haar knuistjes bij den baard greep.
Maar o, o, o, wat gebeurde er nu een ongeluk! Weet je wat er gebeurde? Ach, ik durf het haast niet te vertellen.....
Ze trok den baard heelemaal van Sinterklaas z'n wangen af en hield hem nu heel, heel verbaasd in de handjes..... "Ai!" riep Piet en hij zette zóó'n benauwd gezicht, alsof 't hem gebeurd was. Annie gaf een gil en deed haar handjes voor de oogen. Wim zei niets, maar kreeg van schrik een kleur en hield den adem in. En Vader en Moeder? Die begonnen ineens...... te lachen. Te lachen? Ja, heusch - te lachen.
Vonden die 't dan niet verschrikkelijk, wat er gebeurd was? Nee, heelemaal niet. En Sinterklaas? Oók niet, want die lachte nog harder dan Vader en Moeder. En Pieterbaas? Die moest zóo lachen, dat de tranen hem over de wangen liepen en dat hij zijn zakdoek moest nemen, om ze af te drogen. De kinderen stonden verbaasd te kijken naar de vreemde dingen, die er gebeurden. Maar opeens schreeuwde Piet: "Kijk, kijk, kijk...... zwarte Piet wordt heelemaal wit..... en de zwartigheid zit op zijn zakdoek!" En zoo wàs het ook: Zwarte Piet zijn neus en zijn wangen en zijn kin waren heelemaal niet zwart meer, maar zagen er uit als de neus en de wangen en de kin van de kinderen zelf.... Vader schudde nu van 't lachen en Moe riep: "O, o, o, ik lach me ziek!" Toen greep Sinterklaas zichzelf bij zijn witte haar en..... lichtte dat zóó maar van zijn hoofd. En toen?..... "Oom Koos!" riep Wim. "Oom Koos!" schreeuwde Piet. "Oom Koos!" gilde Annie. Maar kleine Sientje sprong met den langen baard van Sinterklaas op den grond en probeerde dien om haar eigen kinnetje te hangen. Ach, ach, wat een schouwspel daar in de kamer!

Illustraties uit: De baard van Sinterklaas:

1923 - Boekje 'Kleurig en fleurig'

Kleurig en fleurig : nieuwe versjes en prentjes voor het kleine volkje / door S. Abramsz; met prentjes van Ella Riemersm